De uit Denemarken afkomstige Amsterdamse uurwerkmaker Andreas Hohwü vervaardigde voornamelijk chronometers naast astronomische precisie-uurwerken. Het Museum van het Nederlandse Uurwerk te Zaandam toont een door een veer aangedreven en cardanisch opgehangen scheepschronometer van Hohwü uit ca. 1880 uit de collectie Boom-Time. De looptijd van het uurwerk is 56 uur. In 1837 bestelde de Koninklijke Marine een astronomisch uurwerk met compensatieslinger bij Hohwü. Hohwü was vanaf 1829-1834 leerling van de in Maastricht geboren uurwerkmaker Johann Heinrich Kessels (1781-1849) te Altona en tussen 1834-1839 van Abraham Louis Breguet te Parijs. Zijn werk ontving vele internationale onderscheidingen. Abraham de Casseres, Amsterdammer van Portugese afkomst en een leerling van Hohwü was eveneens een verdienstelijk maker van internationaal bekroonde chronometers. Museum Boerhaave bezit drie chronometers van Hohwü en een astronomisch slingeruurwerk (1861), alsmede een astronomisch slingeruurwerk (1897) van Andreas Hohwü jr. Het Universiteitsmuseum Utrecht beschikt eveneens over een astronomisch slingeruurwerk (1867), terwijl het Teylers Museum te Haarlem een regulateur (1865) tot de collectie telt. Bronnen: E. Morpurgo: Nederlandse klokken- en horlogemakers vanaf 1300 (Amsterdam 1970); M. Lux: Johann Heinrich Kessels (1781-1849) Zu seinem 200. Geburtstag am 15. Mai (Alte Uhren 1981, nr. 2); P. Heuer/K. Maurice: Europaische Pendeluhren. Dekoratieve Instrumente der Zeitmessung (München 1988); A.J. Turner (red.): Tijd (Amsterdam 1990); R.H. van Gent & J.H. Leopold: De tijdmeters van de Leidse sterrewacht (Leiden 1992); J. Boomsma: Tijd voor klokken (Zutphen 1999)
Afbeeldingen: 1) Chronometer A. Hohwü (Boom-Time) |